Internet en telefoon vallen uit: hoe blijf je op de hoogte
Zonder netwerk weet je niet wat er speelt, en dat geeft de meeste onrust. Wat er dan nog werkt, en welke afspraken je vooraf maakt met je gezin.
Wat doe je meteen
- Zet je radio aan op de rampenzender van jouw regio. Die werkt zonder internet.
- Zet je telefoon in vliegtuigmodus als je hem niet gebruikt, zodat de accu langer meegaat.
- Probeer sms in plaats van bellen: dat komt bij een druk netwerk vaker aan.
- Bel de contactpersoon die ver weg woont, niet iedereen apart.
- Kom je het alarmnummer niet door, probeer het dan opnieuw en blijf het proberen.
Wat je vooraf klaarlegt
- De frequentie van je rampenzender op papier, bij een radio op batterijen
- Telefoonnummers op papier, want niemand kent ze nog uit zijn hoofd
- Een contactpersoon in een andere provincie als centraal aanspreekpunt
- Twee ontmoetingsplekken: één in de buurt en één buiten de wijk
- Vaste momenten om contact te proberen, bijvoorbeeld elk heel uur
Bij een storing valt je wifi meteen weg. Mobiel internet werkt vaak nog even, want zendmasten hebben noodaccu’s. Die zijn na een paar uur leeg.
Dan gebeuren er twee dingen tegelijk: je kunt niemand bereiken, en je weet niet wat er aan de hand is. Dat tweede zorgt voor de meeste onrust.
Wat er dan nog wel werkt
NL-Alert. Dat gaat via cell broadcast: de zendmast zendt het bericht uit naar alle telefoons in het gebied, een beetje zoals een radiosignaal. Er wordt geen verbinding per toestel opgebouwd, dus het komt ook binnen als iedereen tegelijk belt. Valt de mast zelf uit, dan houdt het op.
De radio. Bij een grote ramp zendt de regionale publieke omroep uit als calamiteitenzender. Een radio ontvangt alleen; het zendstation heeft eigen noodstroom. Daarom werkt die als de rest wegvalt. Zoek de frequentie van jouw regio op via noodfrequenties per regio en plak hem op de radio.
Let op: een radio op netstroom doet niets bij een stroomstoring. Je hebt er een nodig op batterijen, zonne-energie of een zwengel.
crisis.nl, zolang je nog internet hebt.
Afspraken werken beter dan techniek
Dit levert het meeste op en kost niets.
- Een contactpersoon ver weg. Bij een lokale storing is iemand in een andere provincie vaak nog bereikbaar. Iedereen meldt zich daar, niet bij elkaar. Zo hoeft niemand tien mensen af te bellen met een halflege accu.
- Nummers op papier. Vrijwel niemand kent nog een nummer uit zijn hoofd. Geef elk gezinslid een kaartje, ook de kinderen.
- Vaste momenten. Probeer het bijvoorbeeld elk heel uur, en zet je telefoon daartussen in vliegtuigmodus.
- Twee ontmoetingsplekken. Eén in de buurt, en één buiten de wijk voor als het gebied ontruimd wordt.
Over portofoons
Portofoons van het type PMR446 mag je in Nederland zonder vergunning gebruiken. Ze praten rechtstreeks met elkaar en hebben geen zendmast nodig.
Wees eerlijk over wat je ervan mag verwachten. In de stad kom je vaak niet verder dan een paar honderd meter tot een kilometer, en je deelt de frequentie met iedereen: de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur zegt er nadrukkelijk bij dat storingsvrije communicatie niet is gegarandeerd.
Voor contact met de buren is dat prima. Als enige lijn waar je van afhangt: nee.
Verder
Het volledige verhaal staat in communicatie zonder internet. Hoe je de afspraken opschrijft, staat in noodcommunicatieplan maken.
Een NL-Alert en de aanwijzingen van de hulpdiensten gaan altijd voor op wat hier staat. Bij acuut gevaar bel je 112.